Paardenras: Andalusiër

Andalusiër

 

De Andalusiër staat al eeuwen bekend als het Iberische of Spaanse Paard. Toen de Moren in de 8e eeuw Spanje binnenvielen brachten ze Oosterse paarden mee. Door kruisingen van deze Oosterse paarden (Berbers) met inheemse Arabieren onstond de Andalusiër.

 

De Andalusiër werd oorspronkelijk gefokt in het Spaanse Andalusië. Het ras werd vooral zuiver gehouden door de Karthuizer monniken die hun kudden met bijzonder veel toewijding verzorgden.

 

Het is een ras dat de beste eigenschappen van Oosters en Spaans bloed in zich verenigd. Tot de opmars van de Volbloed, in de 18e eeuw, was de Andalusiër Europa's beroemdste paard en een ras dat overal ter wereld bewondering oogstte. De Andalusiër heeft ook een belangrijke invloed uitgeoefend bij de ontwikkeling van de moderne paardenrassen. De lippizaner, bijvoorbeeld, is een bijna rechtstreekse afstammeling van de Andalusiër.

 

Het uiterlijk van de Andalusiër is altijd fascinerend. Hij onderscheidt zich van de Arabier door zijn ramshoofd. Kenmerkend voor de Andalusiër zijn de lange weelderige, vaak golvende staart en manen. De kleur is meestal roodbruin of schimmeltinten. Zijn indrukwekkende gangen zijn ritmisch en altijd in balans. De draf is hooggrijpend en vol impuls. De Andalusiër is behendig, vurig en heeft een volgzame aard. De stokmaat ligt tussen de 1.50 en 1.60 cm. Print This Page For Reference

 

 

Terug naar Rassen Info